Lennart Silvis, directeur Netherlands Water Partnership (NWP)

 

‘Het gaat niet alleen meer over water’

 

Nederland staat wereldwijd bekend om zijn veelzijdige expertise op watergebied. Toch stromen de opdrachten niet vanzelf binnen bij bedrijven en organisaties die in het buitenland zaken willen doen. Betrokkenheid in een vroeg stadium bij waterbeheer, -bouw- en -technologieprojecten is essentieel om de kans ze daadwerkelijk te mogen uitvoeren te vergroten. “Bovendien moeten we beseffen dat het niet alleen meer over water gaat en dat samenwerking met andere sectoren van steeds groter belang is”, aldus directeur Lennart Silvis van het Netherlands Water Partnership.

Onder meer klimaatverandering, verstedelijking en de toenemende roep om een duurzame, liefst circulaire economie maken dat de wereldwaterproblematiek niet alleen meer over water gaat. “Water is onderdeel van een productieproces of van de stad waar je woont en onlosmakelijk verbonden met de omgeving en andere sectoren. Daardoor zijn samenwerking en samen optrekken met professionals in andere sectoren zo belangrijk. Dat is ook een van de redenen waarom ongeveer 200 Nederlandse publieke en private organisaties zich bij het Netherlands Water Partnership (NWP) hebben aangesloten. De meeste zijn bedrijven, maar we vertegenwoordigen bijvoorbeeld ook ngo’s, gemeenten, kennisinstellingen en waterschappen. Het aantal deelnemers is vrij stabiel. Inmiddels hebben we al achttien jaar ervaring met dit netwerk”, vertelt Silvis, die wijst op de groeiende complexiteit in de watersector. “Met onze Young Expert Programmes (YEP) bijvoorbeeld (inzet van jonge waterprofessionals in projecten in het buitenland) houden we ons naast water nu ook bezig met land- en tuinbouw (agrifood, red.). Daar zijn we heel blij mee.”

‘Cooperation is the next competition’ is een kreet die Silvis gebruikt om aan te geven dat er meer bij komt kijken dan het exporteren van je dienst of product. “Het gaat om een integrale aanpak, alleen dan kun je competitief zijn. Dat is precies waar wij als NWP een rol spelen. Samen met onze deelnemers en samenwerkingspartners creëren wij ingangen die de markt niet heeft. Wij helpen met kennis over het land of het thema en koppelen de diverse stakeholders aan elkaar. Alle buitenlandse projecten zijn immers internationale partnerschappen, waarin de betrokken Nederlandse organisaties samenwerken met lokale overheden en ondernemers.

Zo kwam het bedrijf Engeldot Water (onder andere waterzuivering) met de vraag welke buitenlandse markten interessant zouden kunnen zijn. NWP heeft ze op het spoor gezet van Indonesië en Zuid-Afrika. Daarna is daar via het landenplatform Indonesië vervolg aan gegeven met als resultaat dat Engeldot Water in Jakarta helpt met het zuiveren van kanaalwater en samen met lokale bedrijven drinkwater maakt voor flessenverkoop. Bovendien heeft Engeldot samen met de plaatselijke bevolking een lokale vestiging opgericht.”

Uniek, onafhankelijk netwerk

Op de vraag wat, naast het bezoeken van (netwerk)bijeenkomsten en één-op-één-gesprekken, de voordelen zijn voor de deelnemers die zich hebben aangesloten bij het NWP, antwoordt Silvis: “Antwoorden vinden op hun vragen bijvoorbeeld. Vaak raden we organisaties die voor het eerst internationale projecten willen doen aan niet meteen ver weg zaken te doen, maar om te beginnen wat dichterbij te kijken in Polen of Duitsland. Daar is de vraag naar duurzame producten – en dus de groeipotentie – groter dan in bijvoorbeeld Bangladesh of de Filipijnen, waar ondernemers ook te maken kunnen krijgen met culturele en politieke verschillen en corruptie. In de Verenigde Staten is het wettelijk dan weer niet mogelijk als Nederlandse baggeraar of waterbouwer aan de slag te gaan. Bedrijven die van markt willen veranderen geven we deze, maar ook andere adviezen. In het ene land kunnen we meer betekenen dan het andere. Vaak lukt het ons samenwerkingspartners te vinden als er al andere partijen actief zijn en kunnen we ze op het goede spoor zetten.”

Het NWP heeft sterke connecties met de overheid in Den Haag en de Nederlandse ambassades, die natuurlijk beschikken over uitgebreide netwerken en de noodzakelijke lokale kennis. Daarvan maken we – waar het kan – slim gebruik. “Overigens zijn het ook de deelnemers die de activiteiten van het NWP mogelijk maken, want dankzij hen kunnen wij dat unieke, onafhankelijke netwerk zijn binnen de Nederlandse watersector. Daardoor kunnen we, samen met de overheid, projecten en programma’s uitvoeren, relaties opbouwen in het buitenland, marktinformatie vergaren en ervoor zorgen dat partijen zulke goede ingangen hebben dat ze aanbestedingsprocedures kunnen winnen, want uiteindelijk zal de markt competitief zijn.”

‘Dankzij onze deelnemers kunnen wij een uniek, onafhankelijk netwerk zijn binnen de Nederlandse watersector’

Silvis heeft wel een waarschuwing. “Meer impact in het buitenland is ons motto. Het is mooi dat zich dat vertaalt in meer omzet voor bedrijven of meer werk voor ngo’s, maar dat lukt alleen als ze weten hoe ze kunnen bijdragen aan meer duurzame, integrale oplossingen op de locaties waar ze actief zijn. Wie dat niet kan, krijgt geen volgende klus.”

Financiering

Kennis van water en oplossingen is één. De uitdaging is vaak vroegtijdig te weten waar het geld zit, wie in bepaalde buitenlandse projecten een rol wil spelen en investeren. Het NWP heeft daarom een goede relatie opgebouwd met onder andere de Nederlandse ontwikkelingsbank FMO. “Zij weten ons inmiddels ook goed te vinden wanneer ze expertise of waterexperts nodig hebben. Wij helpen hen de juiste partijen te vinden en projecten geschikt voor financiering te maken.”

Het gaat inmiddels om meer dan het uitwisselen van (markt)informatie en het opbouwen van netwerken. Het NWP probeert, zoals gezegd, ook partijen uit andere sectoren, in dit geval de financiële, bij de watersector te betrekken. “De financiële sector is een voorbeeld van de uitbreiding van ons netwerk, waaraan we samen met de overheid – die achttien jaar geleden aan de wieg van het NWP heeft gestaan – werken. Dat doen we ook met de land- en tuinbouwsector. Dat is evident, want zeventig procent van al het water wordt wereldwijd gebruikt in de landbouw. Dus zijn er kansen voor organisaties die weten hoe je efficiënter met water kunt omgaan en beschikken over technologie die zorgt voor betere irrigatiemethoden of die via meten op afstand (remote sensing) kan bepalen hoeveel water echt nodig is voor een optimale opbrengst.”

Young Expert Programmes (YEP)

Silvis is niet alleen blij dat YEP buiten de grenzen van de watersector kijkt, maar ook met het feit dat inmiddels zo’n driehonderd jonge mensen daardoor de kans krijgen in 36 landen via 96 organisaties ervaring op te doen. Dit aantal groeit maar door. “Voor de ene helft zijn dat Nederlanders, voor de andere lokale mensen die de omgeving kennen en weten wat er nodig is, die dankzij subsidie van het ministerie van Buitenlandse Zaken internationale werkervaring kunnen opdoen, inclusief een intensief voorbereidend trainingsprogramma. Vaak opereren ze in koppels. De jonge professionals zijn afgestudeerd in Nederland en hebben vaak al wat werkervaring, maar hebben nog niet de cv die vaak van hen wordt gevraagd. Dankzij YEP kunnen we daar wat aan doen, zeker omdat ze met jonge collega’s uit verschillende sectoren samenwerken en een netwerk kunnen opbouwen.”

“De jonge professionals zijn zelf blij met de begeleiding die ze krijgen van de YEP-coaches en hebben daar profijt van bij de bedrijven waarvoor ze werken. Het helpt hen om door te groeien, met als gevolg dat de sector mede dankzij die begeleiding verjongt”, vult Karin van Nistelrode, manager marketing en communicatie van het NWP aan. Silvis: “Sinds 2015 is agrifood erbij gekomen, maar als het aan ons ligt gaan deze jonge professionals zich ook bezighouden met (duurzame) energie. Ze zijn bijvoorbeeld opgeleid als ingenieur of waterdeskundige, maar worden dan uitgedaagd nog breder en integraler te denken. Dat is goed. Om wat te doen aan de complexiteit in de watersector moet je bij de basis beginnen.”

Waterpaviljoen

Het Netherlands Water Partnership is ook goed in het neerzetten en promoten van Nederland als topwaterland. Een van de uitingen daarvan is het Netherlands Water Pavillion. De overheid geeft NWP via het programma Partners voor Water onder meer gelegenheid samen met de sector aanwezig te zijn op een aantal strategische evenementen. Ver weg, in Singapore bijvoorbeeld en tijdens het Wereld Water Forum in Brazilië , maar ook tijdens de Amsterdam International Water Week en op een aantal watertechnologiebeurzen. Daar geeft het NWP niet alleen informatie, maar organiseert het ook allerlei activiteiten en ‘matchmaking’. Het neerzetten van Nederland waterland als merk gebeurt ook in de uitgave Dutch Water Sector, waarin het NWP en andere organisaties inhoudelijke waterverhalen vertellen.

“Ten slotte hebben we natuurlijk ook invloed, want doordat wij de brede watersector bij elkaar hebben gebracht kunnen we ons doel – meer impact in het buitenland – bereiken. We zijn, naar aanleiding van ons rapport ‘Watercrisis: oorzaak van conflict of bijdrage aan stabiliteit’, in gesprek met de sector en het Rijk over hoe we de migratie kunnen verminderen door het watervraagstuk ter plaatse aan te pakken. Dat betekent dat we mensen in ontwikkelingslanden leren omgaan met watertechnologie en alle aanwezige middelen daarvoor inzetten, wat heel erg nodig is. Waterstress ­–in deze landen maar ook elders – staat nog steeds in de risico-top 5 van het Wereld Economisch Forum. Er zijn nog veel kwetsbare gebieden, die bovendien door klimaatverandering verschuiven. In Nederland hebben we dat goed op orde en kennen we een hoog veiligheidsniveau. Daarom delen we graag onze kennis en ervaring internationaal.”

Bij ons op de site adverteren?

Abonneer u nu op Waterbranche.

Uitgelichte Bedrijven

KELLER Meettechniek B.V.

Logisticon Water Treatment B.V.

Krohne Nederland B.V.

Share This